Amsterdam en Istanbul, opgericht 2008 — ontwerpbureau voor stadsspellen
Play the City is het bureau van de uit Istanbul afkomstige, in Amsterdam werkende architect Ekim Tan. De methode komt voort uit haar promotieonderzoek aan de TU Delft, Negotiation and Design for the Self-Organizing City, waarin ze onderzocht of een stad die door zijn gebruikers zelf wordt gemaakt tot een bruikbare ruimtelijke orde kan leiden. Haar antwoord was praktisch: laat de betrokkenen eerst spelen. Een stadsspel ziet er onopvallend uit — een grote kaart op tafel, houten blokjes, rollenkaarten, een budget en een spelleider — maar het verschil met een inspraakavond is fundamenteel. Deelnemers spelen niet zichzelf maar een rol met eigen belangen en beperkingen, moeten hun keuzes hardop verantwoorden en merken binnen een middag wat er gebeurt als iedereen tegelijk zijn zin krijgt. Wie eerst tegenover elkaar stond, zoekt aan de speeltafel vaak samenwerking, simpelweg omdat de ruimte en het geld niet toereikend zijn. Voor overheden is het spel bovendien een testomgeving: regels en zoneringsvoorstellen kunnen worden uitgeprobeerd voordat ze worden vastgelegd. Sinds 2008 zijn zo spellen ontwikkeld voor betaalbaar wonen, circulaire economie, migratie, mobiliteit, klimaatadaptatie en stedelijke uitbreiding, in Amsterdam, Almere, Rotterdam, Istanbul, Izmir, Brussel, Dublin, Praag, Shenzhen, Tokio, Londen, Boston, Tirana en Kaapstad. In 2016 startte het bureau daarnaast Games for Cities, een programma dat het jonge vakgebied documenteert en in kaart brengt.
Mediamatic wilde de leegstaande Van Gendthallen op Oostenburg een half jaar lang laten bezetten door creatieve initiatieven en deed een open oproep. Ruim twintig partijen meldden zich voor een terrein dat te klein was voor iedereen. Play the City bouwde daar in het najaar van 2012 een spel omheen, waarin de deelnemers voor het eerst zelf om onderhandeling over de spelregels vroegen en drie op elkaar voortbouwende sessies afdwongen. Uit de territoriale ruzies kwamen juist allianties voort: de yoga-groep trok bij de hammam in, de voedselinitiatieven deelden een houtoven, de doe-het-zelvers namen samen de tweede hal. Het resultaat, de zogeheten Freezing Favela, werd daadwerkelijk gebouwd — het eerste spel van het bureau dat rechtstreeks in een uitvoerbaar plan overging.
Voor de polder ten oosten van Almere ontwierp MVRDV met de gemeente een radicaal plan: 4500 hectare waar bewoners hun kavel niet alleen zelf bebouwen maar ook hun eigen wegen, riolering, energie en openbaar groen moeten regelen. Voordat die regels werden vastgelegd, wilde Almere weten wat mensen ermee zouden doen. Het spel gaf spelers de rollen van bewoner-investeerder, gebiedsregisseur en bank en liet ze tegelijk investeren en bouwen. In meer dan vijftig sessies tekenden zich vaste patronen af: spelers klonterden samen rond water, wegen en stroom, negeerden kavels met veel verplicht groen, en bedachten symbiotische combinaties van brouwerij, aquaponics en woningbouw. De uitkomsten werden gebruikt om het plan bij te stellen voordat de eerste schop de grond in ging.
Khayelitsha, met ruim een half miljoen inwoners de op een na grootste township van Zuid-Afrika, heeft een zakencentrum dat maar niet van de grond komt: braakliggende kavels, gebrekkige infrastructuur, uitblijvende investeringen. Op verzoek van de planningsdienst van Kaapstad ontwikkelde Play the City vanaf februari 2014 een spel, dat in juli werd getest tijdens het programma van World Design Capital Cape Town en in november met ruim tachtig lokale betrokkenen werd gespeeld. Aan tafel zaten handelaren, grondeigenaren, ambtenaren en bewoners. Uit het spel kwamen een handelaarscoöperatie voor gezamenlijk grondbezit, een "ontmanteld winkelcentrum" van losse kraampjes met één gedeelde kassa, en een pijnlijk maar noodzakelijk gesprek over huurprijzen. Ook de conflicten werden vastgelegd; het bureau publiceerde ze in zijn spelverslagen.
Amsterdam wil de eerste circulaire stad zijn, wat vooral betekent dat afvalstromen van de een grondstof van de ander moeten worden — en dus dat partijen elkaar moeten vinden die elkaar niet kennen. Het spel zet zesentwintig spelers in paren aan tafel als producent, distributeur of consument; punten krijg je alleen voor een gesloten kringloop. De koffiebrander ontdekt dat hij zijn drab kan verkopen aan de oesterzwamkweker, die weer mest tekortkomt en die van de insectenkwekerij haalt; met genoeg volume wordt het voor de bioraffinaderij rendabel om de route mee te nemen. Het aardige is dat de verbindingen die aan tafel ontstaan buiten het spel bruikbaar blijven: wat als spelzet begint, is in de praktijk een kennismaking.