Washington D.C., 21 februari 1977 — schrijver, essayist
Jonathan Safran Foer groeide op in Washington als middelste zoon van een joods gezin; zijn moeder is een kind van Poolse Holocaustoverlevenden, en die familiegeschiedenis werd de motor van zijn vroege werk. Op Princeton, waar hij filosofie studeerde, zette Joyce Carol Oates hem aan het schrijven; een reis naar Oekraïne in 1997, op zoek naar de vrouw die zijn grootvader voor de nazi’s zou hebben behoed, leverde de kiem van zijn debuut. Dat debuut maakte hem op zijn vijfentwintigste in één klap tot een van de zichtbaarste Amerikaanse schrijvers van zijn generatie. Zijn romans combineren speelse, soms typografisch uitbundige vormexperimenten met grote onderwerpen — de Holocaust, 11 september, huwelijk en joodse identiteit — en verdelen de kritiek al even hardnekkig als ze lezers winnen: sentimenteel vernuft voor de een, vernuftig sentiment voor de ander. Daarnaast schrijft hij moreel geëngageerde non-fictie over wat we eten en wat dat de wereld kost. Foer was getrouwd met de schrijfster Nicole Krauss, woont in Brooklyn en doceert creatief schrijven aan New York University.
Foers debuutroman (Nederlands: Alles is verlicht) volgt een jonge Amerikaan, ook Jonathan Safran Foer geheten, die in Oekraïne zoekt naar de vrouw die zijn grootvader redde, bijgestaan door de onvergetelijke tolk Alex, wiens verhaspeld Engels het komische hart van het boek vormt; daartussen weeft Foer een magisch-realistische kroniek van de verdwenen sjtetl Trachimbrod. De roman werd internationaal een sensatie, won onder meer de Guardian First Book Award en de National Jewish Book Award en werd in 2005 verfilmd met Elijah Wood.
De negenjarige Oskar Schell, wiens vader omkwam bij de aanslagen van 11 september, doorkruist New York met een gevonden sleutel op zoek naar het bijbehorende slot (Nederlands: Extreem luid & ongelooflijk dichtbij). Foer vlecht er de geschiedenis van Oskars grootouders en het bombardement op Dresden doorheen en gebruikt foto’s en typografische spelletjes als deel van de vertelling. Het boek werd een bestseller en een van de eerste grote ‘9/11-romans’, maar verdeelde de kritiek scherp — vertederend en vindingrijk volgens de een, gekunsteld volgens de ander. Verfilmd in 2011.
Non-fictie, geschreven toen Foer vader werd en zichzelf niet kon uitleggen waarom we sommige dieren eten en andere niet (Nederlands: Dieren eten). Deels memoir, deels onderzoeksjournalistiek — inclusief nachtelijke bezoeken aan megastallen — ontleedt het boek de Amerikaanse bio-industrie en de verhalen waarmee eters zichzelf geruststellen. Het werd zijn invloedrijkste boek buiten de literatuur: het bracht een brede discussie over vlees op gang, inspireerde een documentaire en bewoog een opvallend aantal lezers tot vegetarisme.
Foers omvangrijkste roman (Nederlands: Hier ben ik), na elf jaar romanstilte: het huwelijk van Jacob en Julia Bloch in Washington valt uiteen terwijl een aardbeving en oorlog Israël aan de rand van de afgrond brengen. De titel verwijst naar Abrahams antwoord aan God; het boek vraagt wat het betekent joods, echtgenoot en vader te zijn wanneer de grote en de kleine geschiedenis tegelijk instorten. Herkenbaar autobiografisch gekleurd — Foers eigen scheiding klinkt mee — en ontvangen als zijn volwassenste, zij het opnieuw omstreden boek.