Portret van Kader Abdolah

Kader Abdolah

Arak, 1954 — Iraans-Nederlands schrijver en columnist; pseudoniem van Hossein Sadjadi Ghaemmaghami Farahani

Kader Abdolah werd geboren in Arak, in een streek waar de islam streng werd nagevolgd, als zoon van een dove tapijtrestaurateur voor wie hij als kind moest spreken. Hij stamt af van Qa'em-Maqam Farahani, negentiende-eeuws premier van Perzië en dichter, en wilde daarom al vroeg schrijver worden; vanaf zijn twaalfde las hij in het geheim westerse literatuur en luisterde hij naar buitenlandse en clandestiene zenders. Tijdens zijn natuurkundestudie in Teheran sloot hij zich aan bij een ondergrondse linkse partij die zich eerst tegen de sjah en daarna tegen de ayatollahs keerde. Hij schreef voor een illegaal blad en publiceerde in 1980 twee clandestiene verhalenbundels onder de naam Kader Abdolah — de voornamen van twee omgekomen vrienden, van wie er één onder de sjah en één onder Khomeini werd geëxecuteerd. In het midden van de jaren tachtig moest hij vluchten; op uitnodiging van de Verenigde Naties kwam hij naar Nederland en belandde in 1988 in een asielzoekerscentrum in Apeldoorn, waarna hem een huis in Zwolle werd toegewezen. Hij leerde de taal met kinderboeken en poëzie en besloot direct in het Nederlands te schrijven, wat hij zelf omschreef als een voortzetting van de strijd met andere middelen. Zijn zinnen zijn kort en kaal, zijn beeldspraak Perzisch; ballingschap, het vertellen zelf en het doorgeven van de oosterse traditie zijn zijn vaste onderwerpen. Van 1996 tot 2011 schreef hij in de Volkskrant de wekelijkse column Mirza. Hij woont in Delft.

Vier werken

De adelaars — 1993

Zijn Nederlandstalige debuut: negen verhalen, geschreven in een taal die hij nog maar net beheerste. Ze spelen zich af in grenshospitia, opvangcentra en de eerste Nederlandse baantjes van een vluchteling, met daartussen scènes uit Iran waarin iemand een vreemde is in zijn eigen land; het titelverhaal gaat over de terreur daar. De kaalheid van het proza — kort, tastend, zonder franje — bleek geen gebrek maar een stijl, en werd meteen als zodanig herkend. De bundel kreeg in 1994 het Gouden Ezelsoor, de prijs voor het best verkochte debuut, en vestigde in één klap zijn positie in de Nederlandse letteren.

De reis van de lege flessen — 1997

Zijn eerste roman. Bolfazl, drieëndertig, komt met vrouw en zoon in een hoekwoning in een Nederlandse nieuwbouwwijk terecht en durft geen Nederlands te spreken voordat hij de grammatica beheerst. Zijn enige contact is buurman René, die op zijn eigen manier ook een buitenstaander blijkt. Terwijl vrouw en kind sneller inburgeren dan hij, houdt Bolfazl greep op zijn leven door alles wat hij ziet te verbinden met herinneringen en verhalen uit Perzië — waaronder de kelder van zijn grootvader vol lege flessen, die na diens dood in de rivier werden geworpen. NRC Handelsblad noemde het boek een meesterwerk.

Spijkerschrift — 2000

Aga Akbar, doofstom van geboorte, heeft zijn leven lang aantekeningen gemaakt in een zelfbedacht spijkerschrift, geïnspireerd op een eeuwenoude inscriptie in de rotsen. Na zijn dood in de Perzische bergen komt het schrift terecht bij zijn naar Nederland gevluchte zoon Ismaiel, die het probeert te ontcijferen zoals hij vroeger zijn vader verstaanbaar moest maken. Daarmee is het tegelijk een roman over een halve eeuw Iraanse geschiedenis en over de onmogelijkheid iemand volledig te vertalen. Het boek is onmiskenbaar autobiografisch — ook Abdolahs vader was doof — en werd bekroond met de E. du Perronprijs; het geldt bij veel lezers als zijn beste.

Het huis van de moskee — 2005

In de stad Senedjan woont de familie van tapijthandelaar Aga Djan al achthonderd jaar in het huis naast de moskee, en levert ze van generatie op generatie de imam. Het boek opent als Aga Djan voor het eerst televisie kijkt, voor de maanlanding, en volgt daarna hoe de val van de sjah en de machtsovername van Khomeini het huis uiteen doen vallen: vrienden worden vijanden, familieleden verraden elkaar. Abdolah werkte er vijf jaar aan en verwerkte er koranpassages in om, zoals hij zei, de milde islam te tonen. Bij de Boekenweek van 2007 kozen lezers het tot op één na beste Nederlandstalige boek aller tijden.

De volgende keer raadmodusDeze kaart niet meer tonen